Verborgen schatten die inspireren

Het Maritiem Museum herbergt een voor sommigen nog onbekende schat: een van de oudste collecties literatuur op maritiem gebied in Nederland. Hij is voor iedereen toegankelijk en wordt geraadpleegd door onderzoekers, journalisten en schrijvers. Zoals onlangs door Abdelkader Benali, de auteur die - naast veel bekroonde boeken - dit jaar het essay voor de Maand van de Geschiedenis schreef.

De eigen bibliotheek is misschien wel het best bewaarde geheim van het Maritiem Museum. Je moet het even weten te vinden: een tikje achteraf gelegen in het gebouw, ietwat onzichtbaar door de opstelling van de tentoonstelling ‘Dealen met drugs’. “We zijn vooral een ondersteunende dienst bij de collecties, tentoonstellingen en onderzoek,” vertelt conservator Ron Brand. “We staan niet echt op de voorgrond. Maar wie ons heeft gevonden, komt vaak terug.” De bibliotheek bestaat al sinds 1857. Bezoekers kunnen er op vrijdagen en op afspraak terecht.

De bibliotheekcollectie is breed. Van scheepsbouw tot cartografie, van scheepsramp tot reddingswezen en van visserij tot watersport - over elk binnenlands of buitenlands maritieme onderwerp is wel een boek of tijdschrift te vinden. “Natuurlijk hebben we speerpunten,” legt Brand uit: “Nederlandse maritieme geschiedenis en de haven van Rotterdam, maar ook de offshore sector. De accenten verschuiven jaarlijks licht, maar we verzamelen altijd ruim. We ontzamelen ook: soms heeft een gespecialiseerd collega-museum meer baat bij boeken uit onze collectie dan wijzelf.”

Divers publiek

De bibliotheek wordt vaak geraadpleegd als de maritieme wereld groot in het nieuws komt, bijvoorbeeld bij het vergaan van een schip. “We hebben ook veel actuele informatie en beantwoorden vragen van over de hele wereld. Het publiek is heel divers - van journalisten tot kinderen die een spreekbeurt moeten houden, of Rotterdammers die iets over varende voorouders willen weten.” Een bijzondere groep zijn schrijvers en onderzoekers, op zoek naar gedegen achtergrondinformatie. Brand begeleidde er diversen, zoals een thrillerschrijver die zijn boek op Paaseiland af wilde laten spelen, of een onderzoeker die zeventiende-eeuwse standaardwerken over scheepsbouw analyseerde. Brand benaderde zelf schrijver Abdelkader Benali, toen hij op LinkedIn zag dat die bezig was met een essay over Nederlandse moslimpiraten in het Middellandse Zeegebied.

Boek als artefact

“Ontzettend leuk!” reageert Benali meteen enthousiast op de vraag hoe het was om in de maritieme bibliotheek rond te struinen. “Ik voelde me echt Alice in Wonderland. Ik zat in het staartje van mijn onderzoek, en het is heel bijzonder de boeken waarop dat onderzoek gebaseerd is, als artefacten in je hand te hebben. Een boek dat 400 jaar geleden is geschreven en gebruikt even te voelen, te ruiken, te kijken hoe de zinnen staan, de afbeeldingen - het is echt een historische bron. Je kunt je beter verplaatsen in hoe het was voor iemand die het las in die tijd. Er ontstaat dan ook een beeld in mijn hoofd dat ik meeneem in het schrijfproces. Bovendien kan ik, als ik straks op tournee ben, mensen meer betrekken in mijn verhaal door ze te vertellen hoe ik het boek vond, in mijn handen had en inkeek. Los daarvan heeftRon ook meegelezen en nog veel mooie correcties kunnen doen - daar ben ik heel blij om, en daar groei ik ook van als onderzoeker. Ik kreeg een vollediger beeld.”

Meervoudige indentiteit

Benali’s essay ‘Reizigers van een nieuwe tijd’, heeft als onderwerp de migratie van west naar oost. “Dat vond ik een intrigerend gegeven,” vertelt Benali. “In het westen veronderstellen we meestal dat mensen uit het oosten hierheen komen voor een beter leven, maar dat is lang niet altijd zo geweest. Vanaf de zeventiende eeuw zag je een stroom van jongens die geen werk hadden, of soms aan lagerwal waren geraakt, via de scheepvaart naar het oosten vertrekken. Daar maakten ze carrière in de moslimwereld en werden vaak ook moslim – omdat ze dan voor eigen rekening konden kapen, maar soms ook om volledig te integreren. Ze waren vaak verschillende dingen naast elkaar: kaper, koopman, Hollandse protestant, moslim. Dat past helemaal niet in ons moderne denken over identiteit. Tegenwoordig ben je óf moslim óf christen; óf Nederlander óf allochtoon. Gelukkig ontstaat er steeds meer besef dat we in een wereld leven met meervoudige identiteiten.”

Benali’s essay concentreert zich rond het adembenemende verhaal van Jan Janszoon, Nederlandse piraat in Marokkaanse dienst, die het tot admiraal van de piratenstaat Salé schopt. Op zee blijken meervoudige identiteiten goed te gedijen - hij is zowel crimineel als handelsman, christen en moslim, diplomaat en admiraal van een piratenstaat. Het Holland van de zeventiende eeuw had daar weinig moeite mee.

Protestant en moslim

Een van de mooiste ontdekkingen vond Benali het feit dat Filip III van Spanje een bestand tekende voor vrede met de jonge Republiek der Nederlanden - waarmee het ‘legaal’ kapen van Spaanse schepen door Nederlanders stopte - maar tegelijkertijd opdracht gaf om de laatste nazaten van de Moren uit Spanje te verdrijven. Benali: “Die hypocrisie is de sleutel tot de verdere geschiedenis. Doordat de morisken werden verdreven naar Marokko, ontstond een groep die oorlog ging voeren tegen Spanje. Daar sloten veel protestanten en piraten zich weer bij aan, die immers ook tegen de Spanjaarden vochten. Jan Janszoon werd door het ene besluit werkloos, en door het andere kreeg hij juist werk - beide verdragen hadden grote gevolgen voor de bevolking. Wat ik ook wil meegeven met het essay: juist vluchtelingen schrijven vaak geschiedenis. Gevluchte moslims en protestanten worden in elkaars armen gedreven. En dat gebied tussen de Marokkaanse kust en Spanje is nog steeds een grensgebied - niet west en niet oost. De piraterij is er ook nooit weggeweest - maar tegenwoordig gaat het om een miljardenindustrie van mensensmokkel en drugs.”

Af van 'wij' en 'zij'

Dat vage begrip ‘grens’ is een ander punt wat hij in zijn essay belicht. “Iedereen is in potentie een grensganger, je leven kan zó veranderen door oorlog, politiek of geweld. We passen ons aan en maken er het beste van. Migreren stelt ons in staat meerdere identiteiten te ontwikkelen, en dat maakt het verhaal van Jan Janszoon zo prachtig.”

Een parallel naar het Maritiem Museum is snel getrokken. Ook daar worden verhalen verteld, die je anders misschien nooit zou horen. Benali: “Los van mijn waardering voor de bibliotheek en de hopelijk lange samenwerking, ben ik ook gewoon een Rotterdamse jongen die vroeger met school naar het Maritiem Museum ging. Aan de Wijnhaven en Leuvehaven, met al die stoomschepen, liep je dan de magische wereld van Ketelbinkie binnen. Een nieuw universum. En net als met boeken: wie met nieuwe verhalen naar buiten gaat, raakt misschien weer wat verder af van het denken over ‘wij’ en ‘zij’.”

"Als Rotterdamse jongen ging ik ook met school naar het Maritiem Museum" -

Abdelkader Benali, auteur

Abdelkader Benali