Eind jaren twintig werd voor de kustvaart een nieuw scheepstype ontwikkeld, de ‘motorcoaster’. De ’Zeemeeuw’ maakte deel uit van een grote vloot Nederlandse klein handelsvaarders. Deze, meestal grijze, schepen kregen de bijnaam ‘little grey devils’.

De vloot Nederlandse motorcoasters neemt een groot gedeelte van het goederenvervoer tussen diverse Europese havens voor zijn rekening. Door de handige bouw en geringe diepgang van de kustvaarders, zijn ook de havens in het Duitse achterland makkelijk te bereiken. De vloot vormde een belangrijke schakel tussen het achterland en de kustgebieden van de omringende landen. De ’little grey devils’ zijn daarbij goed georganiseerd, de schepen worden goed onderhouden en varen zeer economisch. Het is vooral een zaak van Kapitein-eigenaars, rederijen speelde een ondergeschikte rol. Hierdoor ontwikkelt Nederland ten opzichte van de Duitse en Engelse Kleine Handelsvaart al snel een monopolypositie.